Extra

5 sep 2018

Muziek en emoties

“Muziek is moeilijk te beschrijven. Ik geloof niet dat je het in woorden kunt vatten zoals bijvoorbeeld een schilderij of een boek.

Hoewel dit allebei kunstvormen zijn die gevoelens oproepen, doen ze dat via de ogen. Het beeld dat we zien – of dit nu afbeeldingen of woorden op een bladzijde zijn – komt via onze ogen binnen en reist vervolgens naar het intellect, waar we er betekenis aan kunnen geven en wordt vervolgens doorgestuurd naar onze emoties.

Het proces bestaat allereerst uit intellect, met emoties en gevoelens op de tweede plaats. Mijn ervaring is dat muziek niet zo werkt. Muziek komt via
de oren ons lichaam binnen, waarna het regelrecht op onze emoties wordt afgevuurd.
Dan gaat het verder naar het intellect, waar we er misschien ‘betekenis aan geven’. Muziek wordt op een bepaald niveau gevoeld, maar het begrijpen gebeurt op een ander niveau. Dat wil niet zeggen dat je je intellect niet kunt gebruiken om het te beschrijven, maar ik vraag mij af dit daadwerkelijk met woorden gedaan kan worden. Het is als het ware alsof je de geur van het cijfer negen beschrijft.

Muziek wordt beleefd, niet omschreven.

Muziek heeft zijn eigen taal, die wordt gedeeld door muzikanten en die net zo echt is als het Grieks of het Latijn en, als je er voor het eerst mee te maken krijgt, net zo ingewikkeld kan zijn. De sleutel van het ontcijferen van de taal van muziek is als het do-re-mi. Ja, het is echt zo simpel als een nummer van Rodgers en Hammerstein.

Door onmuzikale mensen wordt het do-re-mi ook wel een toonladder genoemd. Toonladders zijn bouwstenen. De ingerente orde binnen muziek. Ze zijn net zo echt als de zwaartekracht en zijn vastgeklonken in ons DNA. Als vooraf geïnstalleerde, topografische kaarten. Bewijs van deze vastklinking, is ons vermogen om al bij de eerste keer dat we een liedje horen aan te voelen waar het muzikaal naartoe gaat.

Voor een zanger of de muzikant is de uitdaging om hun vingers, handen en stem de juiste geluiden te laten maken. Dat brengt me meteen bij het tweede punt. Om daadwerkelijk muziek te maken of om de taal van muziek te leren, is één ding nodig. Iets wat door niets of niemand te vervangen is.

Oefening.

Mensen kunnen zich op allerlei vlakken in het leven door bedrog naar de top werken. Ze kunnen stelen, omkopen, de concurrent uitschakelen of steroïden innemen om sterker en sneller te worden.

Maar in de muziek bestaat er geen snelle weg.
Punt uit.

Zodra je doet alsof, krijg je tomaten naar je hoofd. Luisteraars kunnen een bedrieger van mijlenver herkennen. Daarom heb je ook zo veel lef nodig om op een podium te staan of simpelweg ergens op straat op te treden. Daarom raken playbackers hun prijzen kwijt en worden ze vervolgens gevierendeeld.
De wereld mag dan steeds toleranter worden, een bedriegende muzikant wordt nog altijd niet getolereerd. We hechten nu eenmaal waarde aan muziek en optredens, en verwachten van degenen die op het podium staan dat zij dat ook doen.”

(Uit: Ver van Huis, van Charles Martin, blz 37)


Dit boek van Charles Martin is een aanrader voor iedereen die van back-stage-verhalen houdt: mensen met hart voor muziek... in de harde wereld van muziek... Ikzelf vond het een heel erg indrukwekkend boek om te lezen. Evenals zijn andere boek: Over de bergen heen...

Prachtig lied uit het boek "Ver van Huis": O Danny Boy
Ander boek van Charles Martin: Over bergen heen
Website van Charles Martin

Geen opmerkingen:

Een reactie posten