Extra

11 jun 2021

De kindertrein (New York, 1854-1929)

Kortgeleden heb ik een boekenserie van 3 goede boeken gelezen die ging over de weestreinen, eind 19e eeuw in de Verenigde Staten. 

In eerste instantie dacht ik aan de kindertransporten tijdens de 2e wereldoorlog. Maar nee, dit is een heel ander verhaal: kinderen die geen toekomst meer leken te hebben in groten steden als New York, veelal wezen of migrantenkinderen, werden op een trein geplaatst om, onder begeleiding van hulporganisaties, bij diverse pleeggezinnen geplaatst te worden.


Zelf vind ik een goed boek, eentje die niet alleen lekker wegleest en waarin best verzonnen mag worden (personages in deze serie zijn bijvoorbeeld grotendeels verzonnen). Maar een goed boek moet wat mij betreft ook een stukje waargebeurde informatie bevatten: hetzij over een bekend monument of een bekend stadje of streek of, zoals hier, over een vergeten stukje liefde en leed uit de geschiedenis... 


Schrijfster Jody Hedlund krijgt het voor elkaar om hele moeilijke en zware omstandigheden zo te vertellen dat de uitkomst een verrassende wending krijgt, je tegelijkertijd de wanhoop of de euforie voelt van de personages, maar het toch nog geschikt blijft om te lezen vlak voor het slapengaan 😉


Nou dit verhaal van de boekenserie "De Kindertrein" gaat over drie zussen, dochters van Duitse migrantenouders, maar die inmiddels wees zijn geworden en moeten overleven ondanks dat er niemand voor ze opkomt. De oudste twee meiden kunnen nog wel wat geld verdienen met naaiwerk, totdat die industrietak in New York plotseling volledig inklapt. De jongste past thuis op 2 kleine peuters waar zij als een soort moeder voor hen is, en dat ondanks haar leeftijd.



1. Het eerste boek (Waar het geluk wacht) gaat over de oudste zus, Elise Neumann en speelt zich af in 1850. Het verhaal vertelt hoe ze eerst in het overbevolkte New York voor haar zusjes en de twee pleegkindjes wil zorgen. Maar dan, als de nood hoog is, hoort ze over de stichting voor kinderhulp (Children's Aid Society) die treinritten organiseert om weeskinderen uit de grote stad te vervoeren naar het platteland waar ze in liefdevolle pleeggezinnen terecht zouden komen. 

Elise gaat in eerste instantie als begeleiding mee, maar met als doel om geld te verdienen om naar haar zusjes te sturen en ze later op te kunnen halen. Elise ontdekt jammer genoeg al gauw dat de plaatsing van de kinderen niet altijd zo vlekkeloos loopt als ze verwacht had. Tenslotte wordt zijzelf geplaatst in een pioniersstadje. Via een omweg wordt ze gevraagd om de taak te doen waar ze het meest van houdt: het koken en bakken in de keuken van een restaurant. Daar ontmoet ze ook Thornton Quincy, de oprichter van het stadje...



2
Het tweede deel (Een stap in het licht) gaat over, je raad het al: het tweede zusje, Marianne Neumann, in 1858. Marianne voelt zich door haar oudere zus in de steek gelaten. En alsof het niet zwaar genoeg voor haar is om zorg te dragen voor de anderen zonder in de prostitutie te gaan werken, loopt haar jongste zusje ook nog eens weg en verdwijnt ze volledig, samen met de twee pleegkinderen... Marianne weet na een lange zoektocht uiteindelijk een baan te bemachtigen als plaatsingsagente op de kindertrein. Haar doel is om te weten te komen of haar zusje via de kindertrein vertrokken is. Andrew Brady reist ook mee. Beide belanden ze in situaties die hun levens volledig op de kop zetten... 




3
Het derde en laatste deel (Wat blijft is liefde) is het verhaal van Sofie Neumann. Sofie is inmiddels al drie jaar weg bij haar zussen. Ze is als 17-jarige gevlucht met de twee pleegkindjes omdat ze zich schuldig voelde dat ze zo opstandig is geweest en dat Elise daardoor vertrokken is. Daar worstelt ze nog steeds mee. 

Het boek begint met dat ze het meisje is van een gangleider en in een netelige situatie terechtkomt. Om dat te kunnen ontvluchten, meldt ze zich aan bij de Children's Aid Society om als begeleidster mee te gaan met de kindertrein. Ze zou dan in Chicago met de twee kleintjes kunnen vluchten. Maar, dat is lastiger dan ze had verwacht. Uiteindelijk worden ze alle drie geplaatst bij pleeggezinnen in het Westen. Maar, dat viel niet mee en er ontstonden onhandelbare situaties. Bij haar nieuwe pleegouders ontmoet ze ook een jeugdvriend die ze al vanuit new York kende en bewonderde. Kan hij haar helpen de beide kinderen terug te krijgen? En... zal ze haar zussen ooit nog terugzien?


Eenzaam en verlaten...

Als ik dan weer zulke verhalen lees, dan ontroert het me altijd hoeveel mensen in de geschiedenis hebben geworsteld om hun hoofd boven water te houden. En het valt mij zo erg op dat vaak mensen die overal met iedereen bemoeien, op de meest moeilijke momenten gewoon verdwenen zijn. Herken je dit?

Onlangs kreeg een buurjongen glas in zijn wenkbrauw. Toen ik erbij kwam, was er he-le-maal niemand bij, terwijl ik toch echt een paar minuten heb gewacht omdat ik bezig was. Veel buren moeten dit hebben gehoord of gezien... En dan is er niemand. En zo gaat dit vaak in grotere steden: mensen zijn angstig om iets te krijgen omdat iedereen weet dat de kans erin zit dat je er alleen voor staat. 

Alle vrienden van deze jongen waren ook nergens meer te bekennen, behalve eentje en die heb ik na afloop bedankt dat hij bij zijn vriend bleef staan. En weet je? Volgens mij was hij helemaal overdonderd toen ik hem daarvoor waardeerde. Erg toch, dat ze al zo jong niet tegen complimenten kunnen??? Maar weet je wat de keerzijde is? Geef iemand 1 compliment en hij of zij vergeet jou nooit meer... Wel makkelijk, toch?

(zie hier ook mijn andere beschreven boeken)



Tenslotte nog wat informatie over deze kindertreinen:

Het werden ook wel weestreinen of zelfs babytreinen genoemd. Ze reden tussen 1854 en 1929 en verplaatsten ongeveer 250.000 kinderen vanuit de grote stad naar het platteland. 

Dat ze niet allemaal wees waren en broertjes en zusjes uit elkaar getrokken werden en niet alle kinderen evengoed behandeld werden, was een feit die men regelmatig onder ogen moest zien. Het waren diverse organisaties die deze ritten organiseerden, waaronder dus de Children's Aid Society. De overkoepelende organisatie was de Orphan-train beweging

Deze verhuizingen die voor veel kinderen sowieso als traumatisch werd beschouwd, eindigde in de jaren 20 met de oprichting van de georganiseerde pleegzorg in Amerika. Meer is te lezen, bijvoorbeeld op wikipedia...

Het verhaal van de kindertreinen is ook te lezen in stripvorm. Philippe Charlot en Xavier Fourquemin zorgden voor het stripverhaal "De Wezentrein" (ik heb deze zelf niet gelezen, maar ik kwam de link tegen bij het zoeken naar meer informatie...)

Ook heeft de voor mij (nog) onbekende schrijfster Christina Baker Kline een boek over dit onderwerp geschreven. Het heet, zij het niet erg verrassend: De kindertrein.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten